Een kantoor inrichten
dat werkt.
Krijg antwoord
op de volgende vragen.
Chantal Gomez Muñoz – Founding Partner
Wij krijgen deze vraag steeds vaker van ondernemers: past ons kantoor eigenlijk nog wel bij hoe we nu werken? Een terechte vraag.
De afgelopen jaren is de manier waarop we werken enorm veranderd. Teams werken hybride, organisaties groeien of krimpen, functies veranderen en medewerkers stellen andere eisen aan hun werkomgeving dan vijf of tien jaar geleden.
Toch zien we dat veel kantoren nog zijn ingericht voor een manier van werken die inmiddels achter ons ligt. Dit kan zijn door een trend, maar wat als je organisatie zelf veranderd. Vaak ontstaat daardoor dezelfde vraag:
Past onze werkomgeving nog bij de organisatie die we vandaag zijn?
In dit magazine nemen we je mee op die reis. Welke keuzes maak je als je werkomgeving niet meer vanzelfsprekend aansluit? Moet je verhuizen, verbouwen, of slimmer omgaan met de ruimte die je al hebt? Waar begin je? Wat kost het? En hoe zorg je dat de omgeving niet alleen vandaag klopt, maar ook morgen?
Niet omdat wij denken dat er één juiste oplossing bestaat. Maar omdat we geloven dat een goede werkomgeving begint bij de mens.
Veel leesplezier.
Chantal Gomez Muñoz
Founding Partner
Met de coronapandemie in 2020 volgde een snelle digitalisering, overleg verplaatste zich naar een scherm en hybride werken werd de norm. Onderzoek van het Center for People and Buildings (CFPB) laat zien dat kenniswerkers nog maar gemiddeld 40% van hun werktijd op kantoor zijn. Maar juist in die grotendeels online wereld wordt nu een tegenbeweging zichtbaar. We zoeken weer naar contact, verbinding en samen zijn. En daarmee verandert ook de rol van het kantoor.
Die tegenbeweging zie je ook terug in het nieuws in een radicalere vorm. Steeds meer grote bedrijven roepen medewerkers verplicht terug naar kantoor, vaak vijf dagen per week. Dat klinkt als een oplossing. Maar is het dat ook?
Organisaties bewegen sneller dan hun gebouw
Daarbij zijn organisaties zelf ook constant in beweging. Ze groeien, krimpen of veranderen van richting, nieuwe functies ontstaan en de verwachtingen van medewerkers veranderen. Vaak gaat dat sneller dan de werkomgeving kan bijbenen.
Zo ontstaat een verschil tussen hoe mensen werken en hoe de ruimte hen ondersteunt. Soms valt dat nauwelijks op. Toch zijn de signalen er:
De manier waarop we werken is de afgelopen jaren compleet veranderd en blijft veranderen. De vraag is of jouw kantoor die veranderingen heeft bijgehouden.
De ruimte doet niet meer wat je ervan verwacht
Het moment dat je de signalen opmerkt ontstaat vaak dezelfde vraag: Past onze werkomgeving nog bij de organisatie die we vandaag zijn?
Een vraag over jullie, niet over vierkante meters
Dat lijkt een vraag over het interieur van een gebouw. Maar het is een vraag over jullie. De mens.
Hoe wil je samenwerken? Welke cultuur wil je versterken? Waar wil je ruimte voor maken? En welke koers vaar je?
Daarom begint een goede werkomgeving niet met een ontwerp, inrichting of meer regels. Het begint met inzicht.
De organisatie verandert, de ruimte verandert niet mee. En omdat iedereen er elke dag rondloopt, valt het bijna niemand op.
Tot je erop gaat letten.
Een extra bureau erbij, een overleg dat uitwijkt naar de kantine, een koptelefoon tegen het rumoer. Herkenbaar? Juist die kleine aanpassingen zijn vaak het eerste teken dat er iets groters speelt.
Dit zijn de vier signalen die wij in de praktijk het vaakst tegenkomen:
Een kantoor veroudert zelden in één klap. Het gaat sluipend, en juist daarom vallen de signalen pas laat op
1 – Groei begint te knellen
Meer medewerkers, meer overleg, meer dynamiek. Groei is positief, maar stelt ook nieuwe eisen aan je werkomgeving.
De reflex is bijna altijd dezelfde: we hebben meer vierkante meters nodig. Maar is dat wel zo? Vaak is de vraag niet óf je meer ruimte nodig hebt, maar of je de bestaande ruimte anders moet gebruiken
Tip: breng eerst in kaart hoe je huidige kantoor écht wordt gebruikt, voordat je naar vierkante meters gaat kijken. De bezetting vertelt vaak een ander verhaal dan het gevoel op de drukste dinsdag.
2 – De ruimte is er, maar niet in de juiste vorm
Vergaderruimtes die structureel vol zitten. Werkplekken die structureel leeg blijven. Het voelt als ruimtegebrek, maar meestal is het een indelingsprobleem: de ruimte is er wel, alleen niet in de vorm waar op dat moment vraag naar is.
De valkuil is ontwerpen voor de gemiddelde bezettingsgraad. Een kantoor dat klopt op een rustige woensdag, loopt vast op je drukste dag.
3 – Het kantoor voelt niet meer als jullie
Je organisatie is doorontwikkeld, je merk is gegroeid, maar wie binnenstapt ziet nog de organisatie van een paar jaar geleden. Misschien herken je het gevoel: er komen klanten langs en je schaamt je een beetje.
Mensen vormen hun indruk van een organisatie niet alleen via producten of diensten, maar ook via de ruimtes waarin ze dat merk ontmoeten. Als de fysieke omgeving niet klopt met wie je bent als organisatie, laat je kansen liggen. Elke dag opnieuw.
4 – Medewerkers haken af
Medewerkers werken liever thuis. Er wordt geklaagd over geluid en onrust. Nieuwe collega's landen moeizaam. Waar de één behoefte heeft aan overleg, zoekt de ander juist concentratie. En de ruimte bedient geen van beiden echt goed.
Een werkplek die niet voor iedereen werkt, mist haar belangrijkste doel. Er ontstaat frustratie, en dat gaat ten koste van welzijn en werkplezier. Terwijl juist daar de winst zit: de mens is het belangrijkste element in een interieur.
Herken je één van deze signalen?
Grote kans dat je er meer dan één herkende, want ze komen zelden alleen. Dat is geen reden voor paniek, wel een reden om te kijken wat er echt speelt. Want wie de signalen op tijd herkent, heeft iets waardevols: keuzeruimte.
Welke keuzes dat zijn daar nemen we je in de volgende hoofdstukken in mee.
Je hebt in kaart gebracht hoe je huidige kantoor écht wordt gebruikt, wat je mensen nodig hebben en waar de organisatie heen gaat.
En dan komt de vraag waar het eigenlijk om draait.
Wat doen we ermee?
Voor de meeste organisaties valt het antwoord binnen drie richtingen. Verhuizen, verbouwen of herindelen. Geen van de drie is standaard de beste. Elk lost een ander probleem op, en dat is precies waarom de keuze vaak lastiger voelt dan hij is.
Wanneer organisaties merken dat hun werkomgeving niet meer werkt, wordt vaak als eerste gedacht dat ze moeten verhuizen. Maar dat is niet altijd noodzakelijk.
Route 1: Herindelen
Soms wordt een kantoor simpelweg anders gebruikt dan waarvoor het ooit is ontworpen. Vaak hoeft erin zo een geval niks bij, alleen anders. Dezelfde vierkante meters, een andere indeling. Minder individuele bureaus, meer overlegplekken. Of andersom. Geen sloop, geen verhuiswagen. Wel een ruimte die eindelijk weer klopt met hoe er gewerkt wordt.
Een slimme herindeling kan dan verrassend veel oplossen. Niet omdat het de gemakkelijke uitweg is, maar omdat de oplossing soms simpelweg dichterbij ligt dan gedacht.
Route 2: Verbouwen
Wanneer de basis goed is, maar de omgeving niet meer aansluit bij de organisatie, kan een verbouwing een logische stap zijn. Denk aan een verouderde indeling, gedateerde uitstraling, een pand dat niet meer laat zien wie je bent.
Verbouwen betekent investeren in wat er al staat. Dat is vaak duurzamer dan verhuizen: je gebruikt wat er is, in plaats van ergens anders opnieuw te beginnen. En het kan net zo ingrijpend zijn als je het grondig aanpakt.
Route 3: Verhuizen
Soms past het kantoor simpelweg niet meer. Je bent gegroeid, gekrompen of van richting veranderd, en geen indeling ter wereld lost dat op binnen dezelfde vier muren.
Een nieuwe locatie geeft ruimte om opnieuw te beginnen: een andere plek in de stad, een andere sfeer, een layout die past bij hoe je nu werkt in plaats van hoe je tien jaar geleden werkte.
Maar laten we eerlijk zijn: een verhuizing is ingrijpend. Er komt veel bij kijken. Contracten, planning, logistiek, een team dat gewend moet raken aan een nieuwe plek. Dus niet altijd de meest voor de hand liggende keuze.
Kiezen tussen de routes
De reflex is om te kiezen voor wat het minste risico voelt: niets doen, of het kleinste stapje zetten.
Maar de veiligste keuze is niet de kleinste ingreep, het is de ingreep die past bij hoe jullie straks willen gaan werken. Een indelingsprobleem los je niet op met een verhuizing. Een organisatie die volledig is doorgegroeid, red je niet met een paar nieuwe kasten.
Welke keuze je ook maakt, uiteindelijk komt altijd dezelfde vraag naar voren:
Hoe zorg je ervoor dat je de juiste investering doet?
Daar gaan we in het volgende hoofdstuk verder op in.
Wat kost een verbouwing? Wat kost een verhuizing? Wat kost het om mijn meubilair te vernieuwen? Logische vragen, maar eigenlijk ontstaan de grootste kosten zelden door de investering zelf.
De vraag is niet óf het iets kost. De vraag is wat je ervoor terugkrijgt. Een investering die aansluit bij hoe je organisatie werkt, verdient zich terug in tijd, in ruimte, en in mensen die weer op hun plek zijn.
De kosten die je niet ziet
Medewerkers die minder productief zijn omdat de ruimte niet aansluit bij hun werk. Nieuwe collega's die moeizaam landen in een omgeving die niet uitstraalt wie je bent. En misschien wel de grootste kostenpost: mensen die vertrekken.
De mens is het belangrijkste element in een interieur. Wanneer die mens zich niet gehoord voelt in de ruimte waarin hij werkt, betaal je daarvoor. Niet op de factuur, maar wel op de lange termijn.
Wanneer organisaties nadenken over hun werkomgeving, gaat het gesprek vaak direct over budget. Toch zien we in de praktijk dat de duurste beslissing vaak uitstel is of de verkeerde keuze.
Het Center for People and Buildings (CFPB) rekent voor waarom die onzichtbare kosten zo zwaar wegen: personeelskosten vormen doorgaans zo'n 80% van de totale organisatiekosten, tegenover een veel kleiner aandeel voor huisvesting. Een kleine verbetering in productiviteit of gezondheid via de werkomgeving heeft daardoor potentieel meer financiële impact dan een besparing op vierkante meters.
Organisaties die vooral besparen op de werkplek lopen het risico op wat het CFPB de 'productivity tax' noemt: de besparing op huisvesting wordt tenietgedaan door de productiviteitsdaling die erop volgt. Je bespaart op de ene rekening, en betaalt de rekening elders dubbel terug.
Uitstellen maakt keuzes zelden goedkoper
Dit hoofdstuk is geen pleidooi om overhaast te investeren. Het is een pleidooi om bewust te kiezen. Met open ogen voor wat een verkeerde beslissing kost, én voor wat stilstand kost.
Een kantoor dat niet meer klopt, wordt namelijk niet vanzelf beter. De signalen uit hoofdstuk 2 stapelen zich op.
De vraag is dus niet:
"Wat kost een nieuwe werkomgeving?"
Maar:
"Wat kost het als we niets doen?"
‘Een kleine verbetering in productiviteit of gezondheid via de werkomgeving heeft potentieel meer financiële impact’
Achter ieder project schuilt een keten van keuzes die allemaal invloed hebben op elkaar. Denk aan werkplekonderzoek en ruimteanalyse. Interieurontwerp, verlichting, akoestiek. Vloerafwerking, systeemwanden, maatwerk. Duurzaamheid, planning, budgetbewaking. Verhuizing, montage, nazorg.
Op zichzelf lijken dit losse onderdelen. In de praktijk vormen ze één geheel. Een wijziging in de indeling heeft invloed op verlichting. Verlichting heeft invloed op de beleving van een ruimte. Akoestiek beïnvloedt concentratie en samenwerking. Een verkeerde planning heeft gevolgen voor de dagelijkse operatie.
Juist daarom lopen organisaties vaak vast wanneer verschillende partijen afzonderlijk aan hetzelfde project werken.
Hoe lang duurt dit eigenlijk?
Dat hangt af van de omvang, maar reken niet op weken.
Een herindeling van een verdieping is soms in enkele weken tot maanden geregeld. Een verbouwing van enige omvang duurt al snel enkele maanden, van eerste schets tot oplevering. Een verhuizing reken je eerder in kwartalen: er komt een oud pand uit, een nieuw pand in, en een organisatie die moet meebewegen. Bij een groter of complexer traject loop je al snel richting een jaar.
Wanneer organisaties nadenken over een verbouwing, verhuizing of herinrichting, wordt er vaak eerst gedacht aan meubels, kleuren en plattegronden. Maar een succesvol kantoorproject gaat over veel meer dan dat.
De stappen die je doorloopt
Elk project is anders. Maar de fases waarlangs een project loopt zijn ongeveer hetzelfde:
Één overzicht, of veel losse schakels
Zonder iemand die dat geheel bewaakt, wordt een kantoorproject al snel een optelsom van losse schakels. De architect wacht op de leverancier. De leverancier wacht op een beslissing die nog niet genomen is. En intussen tikt de deadline door.
Dat roept een logische vraag op: wie bewaakt dat overzicht? En waar begin je?
Daar gaan we in het volgende hoofdstuk verder op in.

Stap 1:
Oriëntatie

Stap 2:
Concept & Design

Stap 3:
De ruimte

Stap 4:
Bestelling & Montage

Stap 5:
Fine-tuning & Nazorg
We hebben in dit magazine veel facetten besproken die bij het vernieuwen van je kantoor komen kijken. Dit overzicht is bedoeld om je een reëel beeld te geven. Niet om je af te schrikken.
Het hoeft geen groot traject te zijn
Misschien denk je nu: dit wordt vast een langdurig traject met een fors budget. Dat hoeft niet.
Sommige vraagstukken vragen om een grote ingreep, maar veel vraagstukken zijn kleiner dan gedacht. Een betere indeling van één verdieping. Een paar stilteplekken erbij. Nieuw meubilair op de plekken waar het verschil maakt. Een klein vraagstuk is voor ons net zo serieus als een groot vraagstuk.
En je hebt zeker geen kant-en-klaar plan nodig om te beginnen. Sterker nog, de meeste trajecten worden beter wanneer je vroeg een blik van buiten toelaat, in plaats van pas wanneer alles al vaststaat.
Veel om te behappen, maar je hoeft dit niet alleen uit te zoeken. En de eerste stap is simpeler dan je denkt.
Het begint met een gesprek
Zoals we aan het begin van het magazine al aangaven, een kantoor vernieuwen begint niet met schilderen, nieuwe meubels of vloeren. Het start met de vraag: hoe werkt jullie team eigenlijk het best?
Je start daarom niet bij een ontwerp of een offerte. Het begint bij een gesprek in ons Park Office, of gewoon bij jou op kantoor.
Hier bespreken we hoe jullie kantoor vandaag gebruikt wordt, hoe jullie graag willen gaan werken, wat goed werkt en wat anders kan. Pas dan kun je keuzes maken die kloppen binnen jullie situatie en budget. En het helpt als er iemand tegenover je zit die dit dagelijks doet.
Alles wat je nodig hebt voor het eerste gesprek
Drie dingen helpen je om een start te maken:
Een kantoor dat werkt, begint klein
Na de kennismaking weet je meer dan waar je aan begon. Je weet of de klik er is. Je weet of onze manier van werken past bij hoe jullie organisatie in elkaar zit. En je weet, preciezer dan voorheen, wat een volgende stap zou inhouden.
Vanaf daar bouwen we samen verder. Van een eerste gesprek naar een concept. Van een concept naar een ontwerp. En van een ontwerp naar een kantoor dat weer werkt.
We begonnen dit magazine met de vraag: werkt jullie kantoor nog voor wie jullie vandaag zijn?
Als je alle hoofdstukken hebt gelezen, weet je inmiddels dat er veel bij komt kijken. En dat is ook precies waarom we dit als een reis beschrijven, en niet als een klein project.
Wat je nu hebt gelezen, is nog maar het startpunt. Gedurende het jaar gaan we meerdere blogs posten waarin we dieper op alle vragen in gaan.
Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang onze nieuwste inzichten en artikelen over de werkomgeving in je inbox.
En heb je, na alles wat je hebt gelezen, ook het idee: ons kantoor moet anders. Dat is precies het moment waarop we graag met je meedenken. Of het nu gaat om vijftien werkplekken of honderdvijftig. Kom gerust langs in ons Park Office of plan een kennismaking met ons in. Dan kijken we samen naar wat er speelt en welke eerste stap daarbij past.
Dankjewel dat jij onderdeel bent van deze reis.
Team InteriorWorks
Fotografie & Illustraties
Edelman, Amsterdam
In samenwerking met Pubblik & Vos / Beamm BV
Fotografie: Rick Geenjaar
Beeld: voorpagina; p. 4, afb. 2
BdB Groep, Amersfoort
In samenwerking met VOID interieurarchitectuur
Fotografie: studio HOE DAN
Beeld: p. 3, afb. 2; p. 4, afb. 1 en 3
Stadgenoot, Amsterdam
In samenwerking met VOID interieurarchitectuur
Fotografie: Mike Bink Fotografie
Beeld: p. 3, afb. 1
Park Office – Showroom InteriorWorks, Amsterdam
Fotografie: Wianne Zwart – InteriorWorks
Beeld: p. 2, afb. 1; p. 5, afb. 1; p. 6, afb. 1; p. 7, afb. 1, 2 en 3; p. 8, afb. 1; p. 9, afb. 1
Colofon – InteriorWorks Magazine
Uitgave:
InteriorWorks – september 2026
www.interiorworks.nl
Redactie:
Chantal Gomez Muñoz, Jeroen Mittelmeijer, Wianne Zwart, Remi Tromer
Vormgeving & webbouw:
Remi Tromer, Puck Postma, Chantal Gomez Muñoz, Wianne Zwart
Copyright:
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden gekopieerd of verspreid zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.
Contact:
info@interiorworks.nl
Instagram | LinkedIn
Disclaimer:
Hoewel deze uitgave met zorg is samengesteld, kunnen aan de inhoud geen rechten worden ontleend. De redactie is niet verantwoordelijk voor onjuistheden of schade voortvloeiend uit het gebruik van gepubliceerde informatie.